001
audiosignalen hebben een frequentie van?

tussen de 20 en 20000 Hz
tussen de 20 Hz en 20Khz
tussen de 30Hz en 30 Mhz
tussen de 30 Hz en 30 Khz
002

Voor optimale verstaanbaarheid van spraak dient via een telefoniezender een frequentieband overgebracht te worden die ligt tussen

a   300 en 3000 Hz
b   1000 en 2000 Hz
c   100 en 1000 Hz
d   2000 en 4000 Hz
016     Audiosignaal
003

Een zender en ontvanger zijn 300 km van elkaar verwijderd.
Wat is de kortste tijd waarin het zendersignaal de ontvanger kan bereiken?

a   0,1 milliseconde
b   1 milliseconde
c   10 milliseconde
d   0,01 milliseconde
004

De golflengte van een signaal wordt bepaald door:

a   de amplitude en de frequentie
b   de frequentie en de voortplantingssnelheid
c   de frequentie en de periodeduur
d   de amplitude en de voortplantingssnelheid
005

Deze niet-sinusvormige spanning is opgebouwd uit:

a   twee sinusvormige signalen met gelijke amplitude van dezelfde frequentie die in
     fase zijn verschoven
b   twee sinusvormige signalen met gelijke amplitude van verschillende frequenties
c   een grondgolf met harmonischen
d   twee sinusvormige signalen met ongelijke amplitude
006

De gemiddelde waarde van de stroom is:

a   3 A
b   0.5 A
c   0.333 A
d   1.165 A
007

De gemiddelde waarde van de stroom is:

a   6 A
b   3 A
c   2 A
d   1 A
008

Wat is de gemiddelde waarde van de stroom?

a   4 mA
b   4
2 mA
c   0 mA
d   8 mA
009

Aan de ingang van een enkelzijdige gelijkrichter is een pulsvormige spanning aangesloten.
De uitgangsspanning U (onbelast) is:

a   10 V
b   15 V
c   30/
2 V
d   30 V